Interview Flextecs
Intocht van de Hongaren?
Poolse bollenpellers, Tsjechische bouwvakkers en Slowaakse havenarbeiders. De politiek was er bang voor en de kranten stonden er vol van. Wanpraktijken in de tijd waarin, mede door een nog gebrekkige regelgeving, menig gewiekste ondernemer zijn kans schoon zag. Pijnlijke situaties bereikten het nieuws over 10 Polen gehuisvest in een vervallen 2 kamerappartement en zwaar onderbetaalde Midden Europeanen die door malafide uitzendbureaus tegen marktconforme tarieven werden verhuurd aan Westerse opdrachtgevers.Opvallende afwezige in de hele discussie waren de Hongaren. Zijn ze er niet, of is het voor hen anders geregeld? Een kleine zoektocht van Hongarije in Zaken leverde contact op met Flextecs, een bedrijf dat Hongaarse werknemers naar Nederland haalt. Op hun kantoor in Dordrecht zijn we in gesprek met Barbara Antal-Kis en Mick Kovacs die samen met Hasan Okumus het team van Flextecs vormen. Later in het gesprek schuift ook Marcel Papenhove aan, directeur van zusterbedrijf Miniplants en samen met mededirecteur Dennis Stikkolorum oprichter van het bedrijf Flextecs.
Per toeval ontstaan
Miniplants, het zusterbedrijf van Flextecs, is een ingenieursbureau uit Dordrecht. Het levert installaties en projectmanagement in de farmaceutische industrie. In hun werkplaats kwam op een dag een Hongaarse lasser binnenlopen die in het verleden met een aantal van de daar aanwezige medewerkers hadden gewerkt. Hij wees het verzoek van zijn vroegere collega's af om daar te komen werken, maar beloofde wel een paar jonge Hongaarse technici te zullen vragen of zij belangstelling zouden hebben. Ze kwamen er werken en vielen op door hun goede mentaliteit en technische vaardigheden. In de loop der tijd werden het er steeds meer, naar wederzijdse tevredenheid. En zo groeide de behoefte om van deze speciale Hongaarse dienstverlening van Mini-plants een zelfstandig bedrijf te maken: Flextecs,Flexible Technical Services. De groei zit er sindsdien goed in.
Het blijkt dat er een grote behoefte is aan goed opgeleide mensen, die nog weten wat handarbeid is. Volgens Flextecs is dat in Nederland namelijk een probleem aan het worden. Marcel: "Mijn zoon zit op het VMBO. Daar leren ze niet meer met hun handen te werken, maar krijgen ze kookles, Nederlands, Engels, economie en maatschappijleer. De jongens die daar vanaf komen, kennen het ambacht niet meer. De Hongaren hebben nog wel die handvaardigheid. De oude ambachtschool is daar doorontwikkeld, maar de basis is hetzelfde gebleven, Leerlingen leren daar met hun handen werken. Als ze van school komen kunnen ze al een beetje lassen, draaiwerk en fitwerk. En dat is een groot voordeel; die achterstand halen de Nederlandse jongens niet meer in. Onder de 35 jaar kan je het in Nederland vergeten,daar vindt je geen vakmensen meer."
Taal en de praktijk
De Hongaren zijn ambachtslieden en daarbij komt dat ze ook precieze werkers zijn. Wellicht dat dit een relatie heeft met de Hongaarse taal. Die zou je mathematisch kunnen noemen en zo werken ze volgens Marcel ze ook. "Ze zijn concreet, nauwgezet en praktisch ingesteld." "En in hoeverre is taal een barrière?", vragen we. Barbara: "Voorheen kwam het nog al eens voor dat een Hongaarse medewerker echt alleen Hongaars kende.
Maar dat doen we niet meer. We stellen onze eisen. Ze praten inmiddels allemaal minimaal Duits. Daarnaast spreken enkelen Engels. We hebben de ervaring dat het noodzakelijk is dat ze bij opdrachtgevers of zelfs in de eigen werkplaats kunnen communiceren. Wij moeten natuurlijk niet altijd hoeven vertalen. Als het gevaarlijk is op een werkplaats of bij een noodsituatie, instructies bijvoorbeeld bij een alarm of giftig gas, dan moeten ze dat kunnen verstaan." "Maar, we hebben een paar mensen voor wie we een uitzondering maken", vult Mick aan, "Dat zijn plaatmakers, die echt goed zijn. Ze spreken geen andere taal, maar ze werken alleen en van tekening. Tekeningen lezen is universeel, daar hoef je geen andere taal voor te spreken."
Oost, west, thuis best?
Op de vraag of het geen probleem is dat de Hongaren toch niet bekend staan als een reislustig volkje krijgen we het antwoord dat het eigenlijk niet veel anders is dan in Nederland. Marcel: "Ik heb in Limburg gewoond en gewerkt en daar houden ze ook niet van reizen en verhuizen. Hongaren houden van hun land en zeker op het platte land zijn de familiebanden sterk. Ze willen liever niet weg, maar gezien de economische noodzaak willen ze toch graag hiernaartoe komen. Ze sparen hun geld in de jaren die ze hier werken en gaan dan terug naar Hongarije. Voor de hoger opgeleide Hongaar ligt dat vaak anders. Die willen zich ontwikkelen, iets van de wereld zien. Hun horizon verbreden. Ze kunnen hier dingen doen die ze thuis niet kunnen doen. Omdat de arbeidsmarkt daar minder krap is kun je je in Hongarije moeilijker in de breedte ontplooien. Als je eenmaal ergens goed in bent, zien werkgevers er het nut niet van in om in je te investeren zodat je ook nog wat anders kunt. Ze blijven daardoor hangen."
De succesformule
Inmiddels is Flextecs uitgegroeid tot een uitzendbureau met ruim 40 technisch geschoolde krachten, waarvan 80% de Hongaarse nationaliteit heeft. Het gaat goed met het bedrijf en ze zijn bezig met uitbreiding. Wat is de kracht van het bedrijf vragen wij van Hongarije In Zaken ons af. En we kunnen een aantal kenmerken ontdekken. Flextecs heeft een aantal stafmedewerkers die een echte brugfunctie tussen Hongarije en Nederland kunnen vervullen. Eén daarvan is Barbara. Als Hongaarse studente aan de Budapest Business School schreef ze in 2005 in op een programma aan het Avans School in Breda. Ze raakte verknocht aan Nederland en ontmoette er haar huidige vriend. Na terugkeer naar Boedapest volgde nog vele korte bezoeken aan haar vriend in Nederland.
Al gauw kreeg ze het verlangen echt te wonen en werken in Nederland. Na gesprekken met Marcel en Dennis kreeg ze de mogelijkheid bij Flextecs te komen werken. Ze neemt de werving en selectie van nieuwe Hongaarse medewerkers voor haar rekening. Daarnaast helpt ze nieuwe medewerkers hun weg in de Nederlandse samenleving te vinden. Omdat ze zelf ervaring heeft als buitenlandse die komt werken in Nederland, herkent ze wat haar nieuwe collega's doormaken. Dat schept een vertrouwensband en maakt het haar mogelijk hen optimaal te ondersteunen. Haar collega Mick bevindt zich eveneens op het grensvlak tussen Nederland en
Hongarije. Als zoon van een Hongaarse vader en een Nederlandse moeder met Hongaarse ouders werd hij in Nederland tweetalig opgevoed. Binnen Flextecs verzorgt hij de planning, het wagenpark en de accommodatie van de Hongaarse medewerkers en doet hij relatiebeheer. Ook ondersteunt hij de Hongaarse medewerkers met praktische zaken rondom huisvesting of de Nederlandse belastingwet. Daarnaast is hij 3e jaars deeltijdstudent HBO Management, Economie en Recht.
Een ander kenmerk van de werkwijze van Flextecs is dat ze grondig vooronderzoek doen voor ze met iemand in zee gaan. Barabara: "In Hongarije werken we met agenten. Die doen een screening voor ons op de kwaliteiten van de mensen. Zij doen een voorselectie. In Hongarije moeten ze testen doen: wat kunnen ze?, hoe is hun taalvaardigheid?, wat is hun werkmentaliteit? Ze moeten ook praktijkoefeningen doen. In het verleden hebben we meegemaakt dat mensen in Nederland niet bleken te kunnen wat ze vooraf zeiden. De agent checkt ook de referenties."
Voor wat hoort wat
Er hangt een negatief imago om het werken met Oost Europese medewerkers. Flextecs zegt het anders te doen. Eenmaal aangenomen, zorgt Flextecs naar eigen zeggen goed voor haar medewerkers. Ze krijgen salaris naar Nederlandse maatstaven, accommodatie, een auto ter beschikking, hulp om in Nederland te kunnen aarden en ontvangen opleidingen, zodat ze zich ook verder kunnen ontwikkelen. Daarnaast krijgen de medewerkers verzekering en een pensioenvoorziening die ze kunnen meenemen als ze later terug zouden gaan naar Hongarije. Mick: "we ondersteunen hen waar we kunnen, maar kijken natuurlijk of wensen en vragen redelijk zijn. Ze moeten ook een deel zelf doen, bijvoorbeeld zelf zorgen voor voldoende wc papier in hun woning. Ze doen natuurlijk hun eigen boodschappen. "Barbara: "de meeste werkers helpen Flextecs overigens ook met het zien van kansen voor nieuwe opdrachten. Ze bellen ons dan of melden het op het spreekuur dat we hebben. Daaraan zie je ook dat de mensen tevreden zijn over wat wij hen bieden."
Toekomstwens
Flextecs wil zowel qua aantallen als qua service uitbreiden. Marcel: "We gaan zelf meer doen met training en loopbaanontwikkeling. We hebben afgelopen tijd vooral als uitzendbureau gewerkt. Maar ook aan Hongaarse technische arbeidskrachten zal een tekort komen. We hebben al behoorlijk geïnvesteerd in diverse vakmanschap opleidingen waarvan we een deel zelf hebben verzorgd. In de toekomst gaan we dit alleen maar verder uitbreiden. Daarnaast hebben we maandelijks conform onze bedrijfsVCA certificering (vorig jaar nog behaald) een veiligheidscursus voor al onze monteurs.
Het tekort aan technisch geschoolde mensen in Nederland is zo groot dat de Hongaarse poot altijd veel sterker zal groeien dan de Nederlandse poot. De Nederlandse aanwas zal veel kleiner zijn, omdat er daar een groter aanbod is. Marcel besluit: "Wij zijn niet uit op snelle winst die je creëert als je mensen uitbuit en onder slechte omstandigheden laat leven en werken. Onze werkwijze laat zien dat we het doen voor de langere termijn. Wij zien toekomst in de brug tussen Nederland en Hongarije.
Onze wens? Een vestiging openen in Budapest, zodat de samenwerking nog nauwer wordt
Tekst en foto: © Karin Gabor & Michel Daenen 2008info@make-it-happen.nl
Eerder gepubliceerd in HongarijeinZaken editie 15. Bestellen?
Subscribe



reacties
plaats een bericht
u moet ingelogd zijn om te kunnen reageren
Login - Registratie