“Anonieme virtuozen”
Eigenlijk is dit nauwelijks een interview te noemen, simpelweg omdat het over muzikanten gaat, muziek zou men moeten horen, zien uitvoeren en voelen. Taal, hoe fraai dat ook kan zijn, is nauwelijks om te vormen naar het ervaren van die andere "taal" die omgevormd wordt uit notenschrift en dan in geluid wordt omgezet. En hier hebben we slechts letters tot onze beschikking en kunnen daar nooit een "transcriptie" van een andere communicatievorm mee overbrengen.
Dat was en is de introductie, die de handicap (in letters) voldoende moet hebben over gebracht, en we introduceren (slechts in letters maar noten laten zich ook lezen en in klanken omzetten) een aantal mensen die we zondermeer als ‘briljant' kunnen omschrijven en die heel graag wat steun en publiciteit zouden willen ervaren, voelen en beleven doch niet over vriendjes beschikken op schijnbaar belangrijke posten.
De Hongaarse ‘Paganini‘
De naam van deze man is 'Horváth Gyula' (zie foto bovenin) wellicht een reïncarnatie van de vele Paganini's die ooit geleefd hebben en ook nog (anoniem) leven. Hij staat op podia van uiterst kleine schaal (met 40 tot 60 bezoekers) muziek van grote kwaliteit en hoge moeilijkheidsgraad uit te voeren alsof het niets is. Het lijkt wel of hij zelf een viool is. Komposioneel gezien zware sonates worden even onderbroken (wat zweet van het voorhoofd afvegen) en evenzo makkelijk weer voorgezet. André Rieu is André Riool vergeleken bij dit verschijnsel. De één heeft vriendjes en half dove toehoorders en de ander heeft slechts zijn talent. Velen kunnen de noten spelen, slechts weinigen de muziek. ‘Gyula' heeft inmiddels kontakten in Amerika gevonden maar weet zijn talenten nog steeds niet financieel uit te ‘spelen'. Anoniem als hij nog even blijft hebben we het zoveelste evenbeeld van Paganini (lees ‘Gyula‘) gevonden. We gaan ons best doen dit wereld talent uit de greep van vriendjes politiek / kennissen en de terreur van de middelmatigheid te halen.
De Hongaarse ‘Miles Davis‘
De naam van deze man is ‘Tamás Tettamanti‘. Daar staat een trompettist van een wel uiterste bescheidenheid. De ziel uit zijn geluid heeft nauwelijks iets van doen met techniek als uitgangspunt maar uitsluitend uit het hart. Zijn fabelachtige techniek is slechts een middel en geen
uitgangspunt. Het komt gewoon mee.
De Hongaarse ‘Phil Collins‘
De naam van de man is ‘Németh Tamás'. Gedreven en anoniem zijn mede muzikanten ondersteunend lijkt ‘Ringo Starr‘ een overschatte dwerg, wat die ook was. Phil Collins zou met hem kunnen wedijveren als Tamás een slechte dag heeft.
De Hongaarse ‘Eric Clapton‘
De naam van deze man is ‘Fekete István' excellereert als de de violist of de trompetist het even rustig aan doet. Zijn kompaan ,de bas gitarist 'Hrecska Bálint' houdt hem zo nu en dan uit de luwte.
De Hongaarse organisator
En hier is de spil van het geheel genaamd ‘Anna Eszter Maitinsky' de zangeres van de groep, de inspirator en organisator. Het heeft niet zoveel zin om van alle leden de CV's te gaan oplepelen ze willen verder groeien (en doen dat zeker) en dromen van o.a. een optreden op het North Sea Jazz festival of andere toernooien in het westen. Nu komen ze niet veel verder dan wat lokale gelegenheden (al moet ik erbij
zeggen dat er wel cd's en dvd's zijn van hun uitvoeringen) doch reizen richting het westen is hun (bescheiden als ze zijn) droom.
Anna Maitinsky (op de foto hiernaast kunt u haar zien) heet u van harte welkom en spreekt (en zingt) perfect Engels. Stuur haar een e-mail wanneer uw interesse is gewekt! annaesztermusic@gmail.com
Met onderstaande weblinks kunt u op internet nog extra materiaal en foto's vinden.:
www.myspace.com/annaesztermusic
www.myspace.com/maequintet
Tekst: © A. Wetters 2008
Eerder gepubliceerd in Hongarijein Zaken editie 12. Bestellen?
Subscribe



reacties
plaats een bericht
u moet ingelogd zijn om te kunnen reageren
Login - Registratie